TRIOMF: 6 Bouwstenen voor het creëren van rijke beweegkansen voor peuters

Binnen 1-2-3 MOVE! bouwen we samen met professionals uit de kinderopvang, preventieve gezinsondersteuning en het onderwijs aan een toolbox die hen ondersteunt om meer rijke beweegkansen voor jonge kinderen aan te bieden.
In die toolbox zit voor elk wat wils: praktische ideeën, inspiratie én handvaten voor kwalitatieve beweegmomenten die motorische ontwikkeling écht versterken.

Hoewel we deze toolbox co‑creëren met professionals, willen we dat ze haar weg vindt naar alle volwassenen die belangrijk zijn in het leven van jonge kinderen. Daarom zetten we ook in op toegankelijke info voor ouders.

Maar… wat bedoelen we precies met rijke beweegkansen?

Rijke beweegkansen zijn momenten waarop kinderen worden uitgedaagd om gevarieerd, spontaan en met plezier te bewegen. Het zijn momenten die kinderen laten groeien. Het gaat daarbij niet om hoeveel een kind beweegt, maar vooral om hoe een kind beweegt (= kwaliteit van bewegen): in welke mate kan een kind doelgericht, gecontroleerd en precies bewegen?
Door in te zetten op zulke rijke beweegkansen versterken we niet alleen de motorische vaardigheden, maar ondersteunen we ook de zin om te ontdekken en het zelfvertrouwen van kinderen.

Om zichtbaar te maken wat er nodig is om zulke momenten te creëren, brengen we binnen 1-2-3 MOVE! zes bouwstenen samen in het acroniem TRIOMF. Ze tonen samen hoe een bewegingsmoment uitgroeit tot een écht leerrijk, plezierig en uitdagend moment.

TRIOMF_INFOGRAPHIC (3).png

Deze bouwstenen helpen professionals én ouders om bewuste keuzes te maken in het dagelijks omgaan met jonge kinderen. Hieronder lichten we elke bouwsteen toe en tonen we hoe kleine, haalbare aanpassingen een groot verschil kunnen maken voor de motorische ontwikkeling van elk kind. 

1.png

Kinderen hebben tijd nodig om te bewegen, te verkennen, te herhalen, te proberen… en opnieuw te proberen. Noem het gerust inleeftijd. Door hen tijd te geven om te observeren, te imiteren en op eigen tempo te groeien, ontstaan kansen die motorische vaardigheden verdiepen en verfijnen.

Professionals in de kinderopvang en preventieve gezinsondersteuning, alsook ouders, geven aan dat tijd vaak een knelpunt vormt. Nochtans is tijd net essentieel voor herhaling, variatie en om op te kunnen gaan in spelen en bewegen. Daarom zoeken we samen met hen naar manieren om binnen de bestaande dagstructuur meer ruimte te creëren voor rijke beweegkansen. In de dagelijkse routines blijken namelijk verrassend veel kansen te zitten.

 

3.png

Ruimte nodigt uit tot bewegen.
Kinderen worden uitgedaagd om te bewegen wanneer er voldoende fysieke ruimte is om te rollen, kruipen, klimmen, springen, … Dit zijn bouwstenen voor hun motorische ontwikkeling.

Ruimte geeft keuzevrijheid.
Wanneer kinderen zelf kunnen kiezen wat ze doen, hoe ze bewegen en waar ze zich op richten, kan hun autonomie groeien en krijgen ze bovendien motorische leerkansen.

Ruimte ondersteunt variatie.
Denk aan verschillende zones: rust, actie, ontdekking… of binnen/buiten, hoog/laag, zacht/hard.
Die afwisseling zorgt voor rijke, gevarieerde motorische ervaringen.

Ruimte is ook mentale ruimte.
Niet alles hoeft vol te staan. Een overzichtelijke omgeving geeft kinderen rust om te durven, te focussen en eventueel nieuwe bewegingen uit te proberen.

Ruimte is een signaal van vertrouwen.
Door kinderen ruimte te geven, toon je dat je hen vertrouwt om zelf keuzes te maken, risico’s in te schatten en hun lichaam te ontdekken.

2.png

Aansluiten bij wat een kind leuk vindt, werkt verbindend.
Door in te pikken op wat een kind op dat moment bezighoudt, voelt het zich gezien. Het ene kind speelt graag met ballen, het andere stapelt, draait, kruipt, rolt of imiteert dieren. Door daarop in te spelen, krijgt bewegen een persoonlijke betekenis. 
Een kind dat zich gezien voelt, durft meer en gaat langer door — en zo ontstaat tijd voor herhaling, variatie en andere ingrediënten die motoriek versterken.

Interesse groeit mee met het kind.
Wat vandaag fascineert, kan morgen weer anders zijn. Door regelmatig te observeren, zie je waar hun aandacht naartoe gaat: kleuren, geluiden, materialen… alles kan een ingang zijn.

Interesse is verbonden aan mogelijkheden en ontwikkeling.
Door aan te sluiten bij wat een kind al kan of bijna kan, ontstaat een natuurlijke balans tussen uitdaging en succes. Dat is precies wat motorische ontwikkeling voedt.

4.png

Ondersteuning begint bij observeren.
Om kinderen gericht te ondersteunen, willen we hen prikkelen op maat. Daarom is het belangrijk om goed te kijken en te luisteren naar wat kinderen doen. Zo kunnen we uitdaging bieden op het niveau van elk kind.

Ondersteuning betekent aanmoedigen.
Een glimlach, een knik, een zacht “probeer maar eens” geeft kinderen vertrouwen om nieuwe activiteiten te durven uitproberen.

Ondersteuning is inspelen op wat het kind nodig heeft.
Soms vraagt een kind om nabijheid, soms om ruimte, soms om een extra prikkel of net rust.

Ondersteuning kan ook uitdagen.
Met een subtiele hint, een kleine aanpassing in het materiaal, een vraag zoals “wat zou je nog kunnen doen?” nodig je kinderen uit om nét dat stapje verder te gaan in hun motorisch repertoire.

Ondersteuning schept verbondenheid.
Wanneer kinderen voelen dat een volwassene hen ziet, volgt en begrijpt, durven ze meer. Zo bouwen ze vertrouwen op en groeit hun plezier in bewegen. Dit zijn belangrijke factoren voor motorische vaardigheden.

5.png

Open einde materiaal stimuleert creativiteit en variatie.
Denk aan doeken, dozen, touwen, houten blokken, lepels, takken… Kinderen kunnen er op honderd manieren mee spelen, bewegen en ontdekken. Zo prikkelen we hun fantasie. 
Bovendien ontstaan rijke beweegkansen niet enkel door grote (speel)toestellen, maar juist door materiaal dat uitnodigt tot eigen invulling. Zo kan een kartonnen doos een boot, berg of huis worden.

Kinderen kiezen zelf hoe ze het materiaal gebruiken.
Dat versterkt hun autonomie, probleemoplossend denken én motorische vaardigheden.

Materiaal kan de moeilijkheid van een activiteit beïnvloeden.
De keuze van het materiaal kan een activiteit uitdagender of juist gemakkelijker maken, waardoor differentiatie vanzelf ontstaat.

Materiaal kan beweging uitlokken.
Een helling, een bal, een doek om onder te kruipen… Het juiste materiaal nodigt uit tot rollen, springen, balanceren, … en experimenteren. Allemaal essentiële bouwstenen van motoriek. 

Materiaal is ook een brug tussen kinderen.
Samen bouwen, verslepen of verstoppen versterkt niet alleen sociale interactie, maar ook samenwerking op motorisch vlak.

6.png

Fun geeft energie om te bewegen.
Plezier houdt kinderen langer aan het rollen, klimmen, springen, sleuren,… Die herhaling is essentieel voor motorische groei.

Frustratie daagt uit om vol te houden. 
Vastzitten met de fiets, een bal die wegrolt, een helling die moeilijk is,… Dat soort kleine frustraties zijn eigenlijk groeikansen. Op zulke momenten tonen kinderen kracht, coördinatie, evenwicht en doorzettingsvermogen – allemaal cruciale onderdelen van motorisch leren. Ze oefenen bovendien in het omgaan met teleurstelling en leren hun eigen emoties reguleren. Frustratie kan dus heel leerrijk zijn. Neem het niet te snel weg.

Fun én frustratie samen versterken motoriek.
Plezier houdt kinderen in beweging, terwijl frustratie helpt hen hun grenzen te verkennen en uit te breiden. Precies die combinatie creëert rijke beweegkansen.

 

Samengevat: waar TRIOMF voor staat  

Untitled (43 x 236.2 mm) (240 x 20 mm) (6).png

Want rijke beweegkansen ontstaan niet enkel door grote, spectaculaire activiteiten, maar evenzeer door kleine keuzes die we elke dag maken:

✨ tijd geven om te herhalen

✨ ruimte creëren om te bewegen

✨ aansluiten bij de interesse van het jonge kind

✨ ondersteunen waar nodig

✨ uitnodigend materiaal voorzien

✨ plezier én frustratie erkennen/toelaten als kansen om te groeien

✨ Samen vormen deze zes bouwstenen het fundament waarop kinderen hun motorische vaardigheden bouwen. 

 

En dat is precies waar we met 1‑2‑3 MOVE! aan werken:
Professionals uit de kinderopvang, preventieve gezinsondersteuning en het wonderwijs, alsook  ouders versterken in het bieden van kwalitatieve, haalbare en betekenisvolle beweegmomenten voor elk kind — elke dag opnieuw.